Anonieme bevraging zeebaars en kabeljauw

Anonieme EU bevraging zeebaars en kabeljauw

In het kader van een Europese tender werd een anonieme bevraging op poten gezet om meer inzicht te krijgen aangaande re wensen en verwachtingen van sport- en recreatieve vissers. De doelsoorten van dit onderzoek zijn zeebaars, kabeljauw, zalm en rode zeebrasem. In ons geval zijn enkel zeebaars en kabeljauw van toepassing. Het project heeft als doel een beter langetermijnbeheer voor de sport- en recreatieve zeevisserij op lokaal en EU-niveau na te streven.

Op de baglimits die door Europa werden uitgevaardigd voor zeebaars is heel wat reactie gekomen, zowel vanuit de verenigingen, Sportvisserij Nederland en de EAA, met de vraag om meer flexibiliteit aan de dag te leggen, bijvoorbeeld onder de vorm van maandelijkse baglimits i.p.v. daglimieten. Een hengelaar die elke dag één zeebaars vangt en meeneemt, onttrekt meer zeebaars dan een visser die er elke maand twee keer uittrekt en dan vijf zeebaarzen per keer zou meenemen. Om de omschakeling naar maandelijkse baglimits te kunnen realiseren, dient dit vanzelfsprekend wel gepaard te gaan met een vorm van registratie. Zonder registratiesysteem kan er geen controle en handhaving plaats vinden. Hiertoe hebben de belangenorganisaties o.a. de mogelijkheid aangekaart van elektronische logboeken. Denk daarbij aan een handige, gebruiksvriendelijke app die op je telefoon kan draaien.

De huidige tender, geleid door Halieuticom (www.fishfriender.com), heeft 5 onderzoeksgebieden:

  1. Polsen naar de specifieke wetgeving/monitoring binnen de lidstaten.
  2. De perceptie van de sector (vissers) op deze wetgeving.
  3. Evaluatie van de wetgeving/monitoring.
  4. Ontwikkelen van een rapportage-app.
  5. Het testen van deze app met testpersonen uit de diverse lidstaten.

De app zal betrekking hebben op de Atlantische regio, de Baltische Zee en de Middellandse zee met focus op volgende soorten: zeebaars (Atlantische regio), westelijke kabeljauw en Atlantische zalm (Baltische Zee) en de rode zeebrasem (Middellandse Zee). Op termijn zou dit moeten resulteren in een rapportage- en monitoringstool op EU-niveau. Voor ons zijn enkel de zeebaars en kabeljauw van toepassing.

De enquête is beschikbaar in het Engels en het Frans, helaas niet in het Nederlands, de resultaten zullen anoniem verwerkt worden. Naast het feit dat je dus vragen moet beantwoorden in een taal die niet de jouwe is, moet er ook opgepast worden om je niet te laten drijven door je emoties, die ongetwijfeld komen bovendrijven en je gedrag kunnen beïnvloeden.

We overlopen even de 6 pagina’s die de bevraging lang is.

Op de eerste pagina (2/7) worden algemene vragen over wie en wat je bent gesteld. Geslacht, leeftijd, het land waar je woont; waar je vist, hoeveel jaren je dat al doet en of je aangesloten bent bij een club.

Op de tweede pagina (3/7) willen ze weten wat voor een visser je bent.

Vis je vanaf de boot of het strand of beiden en of je aan “catch & release” doet met vis die aan de wettelijke minimummaat voldoet. Denk er om, het gaat enkel om zeebaars en kabeljauw, dat mag je niet uit het oog verliezen. Je hebt daar de keuze om te kiezen voor 100% C&R, meestal C&R maar je neemt ook af en toe vis mee, soms C&R, bijvoorbeeld wanneer je baglimit vol is. Tot slot kan je ook aangeven dat je nooit wat terug te zet en stopt met vissen als je baglimit vol is.

Op de derde pagina (4/7) gaan de bevragers m.i. zelf van het pad af. Er wordt gevraagd naar je doelsoorten. Je kan kiezen voor zeebaars, zalm, kabeljauw, rode zeebrasem (de 4 doelsoorten van het onderzoek) of andere soorten. Dat laatste is opmerkelijk. Als je hier naar andere soorten gaat vragen, had dat ook voorzien moeten worden op de C&R-pagina. De meesten onder ons die gericht op haaien en roggen vissen, zetten die ook weer terug, terwijl geen haar op hun hoofd er aan denkt om een leuke tong weer terug te zetten. Die gaat pas weer naar Moeder Natuur na een ommetje via de braadpan en het maag/darmstelsel… Niets houd je tegen om daar andere vissoorten in te vullen, ook al kan dat conflicteren met de C&R-opties op de eerdere pagina.
Vervolgens wordt gevraagd of je in 2019 de voor ons geldende regels kende en indien niet, waarom niet? In het voorkomende geval van niet, kan je kiezen uit een gebrek aan informatie, gebrek aan signalisatie in de buurt van je stek, een gebrek aan interesse voor de regels, te ingewikkeld of een andere reden die je dan kan aanvullen.

Op pagina vier (5/7) willen de onderzoekers weten waar je je informatie vandaan haalt. Officiële publicaties, het internet, via je club of federatie, mond aan mond of op nog een andere manier. Aanvullen is ook hier mogelijk.
Vervolgens wil men weten of je vindt dat de voor ons gelden regels makkelijk te vinden/toegankelijk zijn, ja of nee. In het geval van nee, kan je aangeven welke informatie je toegankelijker wil zien.

Pagina vijf (6/7) bevat vragen over het gebruik van een of ander logboeksysteem.
Allereerst wil men weten of je je vangsten rapporteert en zo ja, op welke manier je dat doet. Papieren logboek, mobiele toepassing, via een website of op een in te vullen andere manier. Heb je nee geantwoord, willen ze graag weten waarom niet. Gebrek aan interesse, je hoeft niet zo nodig, het is niet verplicht dus… of een andere reden die je dan kan omschrijven.
Bij de volgende vraag wordt gepolst naar je voorkeur in verband met een veralgemeende rapportage van je vangsten. Je kan kiezen voor absoluut voor, ietwat voor, ietwat tegen, geheel tegen of geen mening. Ik wil hierbij de opmerking maken dat het, voor mij in ieder geval, niet langer helder is of het vanaf dit punt enkel over de 4 doelsoorten van het onderzoek gaat, of ook de “andere” soorten die je op pagina 3 ingevuld hebt en bij uitbreiding voor alle vis die je vangt. Heel vervelend en slordig…
Vervolgens wil men weten welke methode je zou verkiezen om je vangsten te melden als het op een gegeven moment ingevoerd wordt. Je kan kiezen voor een papieren logboek, een app op je telefoon, een website, of helemaal niet melden. Als je een andere methode meer ziet zitten, kan je dat ook omschrijven.
Tot slot wil men weten waarom je voor deze of gene manier gekozen hebt. Je kan dat in eigen bewoordingen omschrijven. Het rare is dat hier niet voorzien is om te omschrijven waarom je zo’n logtoestand niet wil.

Pagina zes (7/7) van de bevraging is oppassen geblazen! Hier mag je de emotie niet laten meespelen, want dan ga je precies het tegenovergestelde antwoorden van wat je wil zeggen! Op deze laatste pagina wordt er gevraagd naar je mening over het huidige beheer van de recreatieve zeevisserij. Je moet daar aangeven hoe tevreden of ontevreden je bent met het beheer op nationaal en vervolgens op Europees niveau.
Vervolgens wil men weten wat je de sterktes vindt van nationale regels. Denk er om: de sterktes van de regels met betrekking op onze bezigheden op en aan zee, niet die van het beroep! Vervolgens krijg je een lijstje met volgende items:

  • een goed niveau van handhaving
  • bescherming van het milieu/duurzaam beheer van de visbestanden
  • eerlijke regels/verhoudingen tussen sport en beroep
  • eerlijke regels/verhoudingen tussen de geografische regio’s
  • goed afgestemde regels op specifiek lokale situaties
  • goed afgestemde regels op basis van de soorten biologie
  • niets (als je niets goed vindt)
  • Als je een sterk punt hebt wat niet aan bod komt in bovenstaande opsomming kan je dat hier ook kwijt.

Vink dus alleen aan waarvan je vindt dat het voor ons goed geregeld is.

Naast de sterktes wil men ook de zwakheden van de nationale regels op en aan zee kennen en krijg je een lijstje met mogelijke zwaktes.

  • laag niveau van controles en handhaving
  • complexiteit van de regels
  • veel te beperkende regels
  • oneerlijke balans tussen de recreatieve en beroepssector
  • oneerlijke regels tussen geografische regio’s
  • slecht afgestemde regels voor specifiek lokale situaties
  • slecht afgestemde regels voor soorten biologie
  • niets (als je niets slecht vindt)
  • indien je zelf nog een zwak punt aan te halen hebt, kan dat ook hier aangevuld worden

Vink dus alleen aan waarvan je vindt dat het voor ons slecht geregeld is.

Vervolgens krijg je nogmaals dezelfde twee vragen en antwoordopties, maar dan met betrekking tot het Europese niveau. Denk er om, het gaat om de regels voor de recreatieve visserij, waar de sportvisserij een onderdeel van is.

Met de allerlaatste vraag van de enquête willen de onderzoekers weten welke methode jij het meest aangewezen vindt voor een beter beheer van de visbestanden en de recreatieve visserij. Daar heb je de keuze uit gesloten tijden, een verplichte vergunning, beschermde gebieden, meer controles, invoeren van dagelijkse quota’s, invoeren van maandelijkse quota’s, invoeren van jaarlijkse quota’s, instellen van een meeneemvenster (minimum- én maximummaat). Als je zelf een suggestie hebt, kan die ook hier achter gelaten worden.

Als je deze enquête invult, hou er a.u.b. je hoofd bij, zodat je correct op de vragen antwoord en niet per ongeluk het tegenovergestelde van wat je bedoelt verstuurt.

Deel dit bericht op sociale media Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

You may also like...